‘Mam, luister nou eens! Ik zei iets tegen je, maar je hoorde mij niet. Je zit alweer op je telefoon te kijken.’ Verschrikt kijk ik op van mijn mobile. Ik merk dat onze vijftienjarige zoon mij iets verwijt. Langzaam dringt het tot mij door. Of ik naar hem wil luisteren zonder steeds te kijken naar mijn berichtjes. Maar wacht eens, wie is nu de puber in huis? Ik ben erop voorbereid dat ik mijn zoon moet begeleiden in het gebruik van zijn smartphone. Maar nu is mij een spiegel voorgehouden.

 

Beloningscentrum

Twee weken geleden bezocht ik een ouderavond van zijn school over het gebruik van smartphones. Aanwezigen werden op het hart gedrukt om kinderen in de gaten te houden. Bij ieder geluid wordt ons beloningscentrum in de hersenen geprikkeld, waardoor verslaving op de loer ligt. Bij pubers is het risico groter, omdat het beloningscentrum gevoeliger is dan bij volwassenen. De gevaren liegen er niet om. Door veelvuldig gebruik ontstaat er kans op vermoeidheid, slaapgebrek, concentratieverlies en prikkelbaarheid. Bijna iedere scholier heeft een mobile waar ze mee naar bed gaan en weer mee opstaan. Dat kan ten koste gaan van schoolprestaties.

 

Ouders van schoolgaande kinderen bellen fietsend met hun kinderen achterop, voetgangers praten hardop met onzichtbare wezens, pubers slingeren fietsend over de weg om te turen naar een telefoonscherm en automobilisten lezen berichtjes achter het stuur….

 

Turend naar een telefoonscherm

Vorige week liet ik mijn mobile per ongeluk bij een kennis liggen. Twee dagen lang ontving ik geen berichtjes. De verandering was groter dan ik van te voren had ingeschat. Het lukte om de aandacht vast te houden bij mijn dagelijkse activiteiten. Ik vergat niet meer zo veel en er vonden ineens leuke gesprekken plaats aan tafel. Buiten op straat viel het op hoe weinig mensen direct contact met elkaar maken door middel van een praatje. Ouders van schoolgaande kinderen bellen fietsend met hun kinderen achterop, voetgangers praten hardop met onzichtbare wezens, pubers slingeren fietsend over de weg om te turen naar een telefoonscherm en automobilisten lezen berichtjes achter het stuur. De wereld is veranderd en dat geldt niet alleen voor pubers. Zelfs mijn vader van 86 die soms op bezoek komt, vraagt bij binnenkomst na vijf minuten al wat de wificode is. Wie niet twittert, whatsappt, facebookt of op instagram zit doet niet mee.

 

Aandacht voor elkaar

Kinderombudsvrouw Margrite Kalverboer verrichtte in 2016 een onderzoek onder 2000 kinderen. De uitkomst van haar onderzoek is dat kinderen een grote behoefte hebben aan aandacht van hun ouders. Kinderen vinden het fijn als ze mensen (ouders, broers, zussen en opa’s en oma’s) om zich heen hebben die om hen geven, hen begrijpen en steunen. De behoeftepiramide van klinisch psycholoog Abraham Maslow toont aan dat het hebben van sociale contacten een van de meest wezenlijke behoeften van de mens is. De behoefte aan meer aandacht voor elkaar geldt dus niet alleen voor jongeren, maar voor ieder mens. Afgezien van de korte contactmomentjes op whatsapp, draagt het veelvuldig gebruik van smartphones hiertoe niet aan bij. Wat is de oplossing?

 

Kinderen volgen je voorbeeld, niet je advies

Ouders die net als hun kinderen gehecht zijn aan een mobiele telefoon, zullen moeite hebben om hun kroost beperkingen op te leggen. Opvoeden is voorleven en je bewust zijn van welke waarden je voorleeft. Kinderen volgen je voorbeeld, niet een advies. Ik ga aan de lijn, maar niet met eten. Vanaf nu ben ik op smartphone-dieet, zodat ik meer echte gesprekken kan voeren. Af en toe mijn telefoon vergeten is zo gek nog niet.

 

Recept voor een succesvol smartphone-dieet

  1. Sluit een goedkoop abonnement af, met beperkte databundel
  2. Zet het geluid van je telefoon standaard uit
  3. Spreek af om tijdens het eten alle telefoons uit het zicht te leggen
  4. Onverwacht bezoek? Alle smartphones uit
  5. Telefoon leeg? Wacht tot de volgende dag, want je gebruikslimiet is bereikt
  6. Boek voor vakanties een berghut in de Alpen zonder wifi (ook in Nederland zijn wifi-vrije campings, trouwens)
  7. Zorg dat je altijd ergens in huis een plek hebt zonder wifi
  8. Gebruik je telefoon op vaste tijden – en alléen op die tijden
  9. Zet twee uur voor bedtijd – jouw bedtijd dus! – de wifi in huis uit
  10. Laat ’s nachts je telefoon beneden; niet naast het nachtkastje

 

Marre Taal, fotografie Marije Denekamp (gepubliceerd in Kiind)